Betekenis 'huisgezin'
Je hebt gezocht op het woord: huisgezin.
huis·ge·zin (het; o; meervoud: huisgezinnen) 1ouders en kinderen
Dit woord opzoeken in onze grootste woordenboeken?
Bestel nu uw toegang of probeer Van Dale Online gratis. U krijgt direct en zonder verdere verplichtingen tijdelijk toegang tot de beste taalhulpmiddelen van Van Dale.