Wat kan Van Dale je allemaal vertellen over een kerststukje?

Je leest nu een kerststukje. Dat woord staat in de Dikke Van Dale, net als 95 andere samenstellingen met 'kerst-'. Daaronder veel vertrouwde woorden als 'kerstdiner', 'kerststal' en 'kerstviering', maar ook minder bekende als 'kerstblok' (deel (m.n. ondereind) van een boomstam, of groot blok hout, dat op kerstavond aan het vuur wordt gelegd), 'kerstboter' (omstreeks Kerstmis, tegen sterk verlaagde prijs, op de markt gebrachte koelhuisboter) en 'kerstpacht' (pacht die met Kerstmis begint en eindigt).

Het gekke met dat 'kerststukje' is dat het wel in het woordenboek staat, maar niet met de betekenis die het heeft in de eerste zin. Van Dale omschrijft 'kerststukje' als 'met groen opgemaakt bloemstukje voor Kerstmis'. De betekenis 'ter gelegenheid van Kerstmis geschreven stukje' ontbreekt. Is dat erg? Nee, dat is het niet. Het woord 'kerststukje' is in deze betekenis een gelegenheidssamenstelling, waarvan we er met z'n allen honderden per dag kunnen maken en ook daadwerkelijk maken. Behalve een kerststukje kun je immers ook een oud-en-nieuwstukje schrijven, een paasstukje of een suikerfeeststukje. Geen van alle in Van Dale. Net zomin als veel andere samenstellingen met kerst-, zoals 'kerstborrel', 'kerstbrunch', 'kerstromance' of 'kerstruzie'. Allemaal woorden die goed denkbaar zijn en die je ook met enige regelmaat kunt tegenkomen.

Waarom staan ze dan niet in het woordenboek? Ten eerste omdat er geen beginnen aan is om al zulke woorden op te nemen. Hét kenmerk van taal is dat het aantal woorden dat je kunt maken oneindig is. Alle denkbare woorden opnemen kán dus niet eens, als je het al zou willen. De tweede reden is dat het ook niet nodig is om ze op te nemen. De betekenis van 'kerstbrunch' is volstrekt duidelijk als je weet wat kerst is en wat een brunch is. Het is, in vaktaal, een doorzichtige samenstelling en de meeste doorzichtige samenstellingen staan niet in het woordenboek.